De fatale vlucht: Het verhaal van 13 mei 1940

De vroege ochtend van 13 mei 1940:

Het is 13 mei 1940. Tweede Pinksterdag. De Lucht Vaart Afdeeling (LVA), of wat er nog van over is, heeft zich teruggetrokken op Schiphol en enkele hulpvliegvelden (de LVA is de voorloper van de Koninklijke Luchtmacht). Bij Rhenen is de Grebbelinie doorbroken. Vanuit het zuiden ligt de ‘Vesting Holland’ open door de Duitse verovering van de Moerdijkbruggen, onder Dordrecht.

De Fokker T-5 met registratienummer 856 is dan nog de enig operationele bommenwerper en hoort bij de Bombardeer Vliegtuig Afdeeling (BomVA), onderdeel van de LVA. De BomVA is gestationeerd op het luchtpark Schiphol. Er wordt een bevel gegeven om de Moerdijkbrug te bombarderen en te vernietigen, dit om de omtrekkende Duitsers te verhinderen het hart van Holland te bereiken. Dit ‘karwei’ moet de laatst overgebleven Fokker T-5, de 856, vanaf thuishaven Schiphol uitvoeren.

De Fokker T-5 856 luchtkruiser zal voor deze aanval geëscorteerd worden door twee Fokker G-1 jagers.

Het betreffen de:
– G-1 (registratienummer 310) met (gedetacheerd KLM-piloot) sergeant-vlieger A.K. Bosman (geboren in 1912) en boordschutter R.M. Coene (leeftijd niet bekend) en een
– G-1(dit registratienummernummer is onbekend) met piloot Paul C. Schoute en schutter Han Lindner.

Beide G-1’s horen bij de 4e Jacht Vliegtuig Afdeeling (4e JaVA) en zijn gestationeerd op vliegveld Bergen (NH).

Hun opdracht was:
‘Naar Schiphol vliegen om de daar gestationeerde Fokker T.5, no.856 te begeleiden op een bombardementsvlucht’.

Om 04.20 Atlantische Tijd (A.T.) stijgen beide G-1’s op voor de vlucht naar Schiphol.
De G-1 Schoute/Lindner landt een kwartier later moeiteloos op Schiphol. Het andere toestel Bosman en Coene raakt in de problemen met het onderstel. Eén hoofdwiel wil niet in en niet uit, wat een landing, zelfs maar op de buik, onmogelijk maakt. Bosman en Coene springen uit hun G-1 met hun parachute, waarbij Bosman aan zijn rug verwond raakt.
De G-1 vliegt onbemand richting Halfweg en stort neer bij Badhoevedorp bij de Sloterweg nabij de ‘Herbergh’. Eén motor belandt aan de oostzijde van de Schipholweg (destijds de Spaarnwouderweg).

Om 04.35 uur A.T. gaan luitenant-vlieger jonkheer Bodo Sandberg en sergeant Joop van den Breemer met de G-1 308 eropuit om de crashplaats van de neergestorte 310 vast te stellen. Zij zien vanuit de G-1 twee parachutes, met op de grond wuivende collega’s (Bosman en Coene) en verderop het wrak van de G-1 310.

Noodgedwongen nemen Sandberg en van den Breemer met hun G-1 308 de opdracht van de 310 over.

De fatale vlucht

Op deze 13 mei 1940, Tweede Pinksterdag, geeft Generaal Piet W. Best (Commandant – Luchtverdediging) om 04.30 uur Atlantische Tijd aan de Commandant van de BomVA, kapitein Koos G. Sissingh, het volgende bevel:

‘Onmiddellijk T-5 uitrusten met twee bommen van 300 kilogram met vertraging. Daartoe kan al het kostbare uit het vliegtuig worden verwijderd. Meest mogelijke spoed betrachten. Melden wanneer het toestel klaar kan zijn’.

De reeds aanwezige normale bommen in de Fokker T-5 856 worden vervangen door extra krachtige mijnbommen, geschikt om pijlers van bruggen te vernielen.
De T-5 krijgt bescherming van de twee eerdergenoemde Fokkers G-1’s:
– de G-1 (nummer onbekend) met 2e luitenant-vlieger Paul(tje) C. Schoute (23 jaar) en sergeant staartschutter Han P. Lindner (25 jaar), en
– de G-1 308 met 2e luitenant-vlieger Jonkheer Bodo Sandberg (35 jaar) en sergeant-staartschutter Joop van den Breemer.

Als waarnemer/commandant van de T-5 is volgens de lijst aangewezen luitenant-waarnemer Gerard H.J. Ruygrok, 27 jaar. Willem F. Anceaux (27 jaar) is 1e luitenant-vlieger. Olaf W. Douwes Dekker (22 jaar) is aspirant reserve officier-vlieger (2e piloot). Gerrit van Riemsdijk (22 jaar) is sergeant telegrafist en Joachem Wijnstra2) (22 jaar) is soldaat-luchtschutter.

De Moerdijkbruggen zijn voor de Duitsers van groot strategisch belang voor de verdere invasie naar ‘Vesting Holland’. Het luchtruim boven de bruggen wordt door de Duitsers zwaarbewaakt.

Eppo Brongers (luitenant – kolonel b.d. en schrijver van militair-historische boeken) maakte de volgende opmerking (die ook in één van zijn vele boeken staat) over de bemanning van de drie Fokker vliegtuigen:

‘Wanneer men weet, dat boven dit gebied (Zuid-Holland-Zuid / Noord Brabant) een paraplu van Duitse jagers aanwezig was, moet men grote bewondering hebben voor de heldenmoed van onze vliegtuigbemanningen’.

De legerleiding en de bemanningen van de T-5 en twee G-1’s zijn zich ervan bewust, dat de kans groot is, dat zij niet levend terug zullen keren.

Gerard Ruygrok (in een verslag aan de LVA):

‘Willem Anceaux en ik wachtten op de commandopost op het startbevel. In het volgende uur heb ik mij op de dood voorbereid en we wilden onze huid duur verkopen. Zulke ogenblikken kosten je tien jaar van je leven, je voelde je ook werkelijk tien jaar ouder worden’.

Terwijl de bemanning van de drie Fokker vliegtuigen op 13 mei wachten op het gereedkomen van de Fokker T-5 en het bevel om te kunnen vertrekken, vraagt Ben Swagerman aan kapitein Sissingh of hij het bevel over deze missie mag overnemen.

Ben heeft dan al een aantal missies met zijn T-5 volbracht en is zelfs als enige overlevende uit het neergeschoten toestel gekomen1).

Over wat hier gebeurt, zijn drie verschillende versies:
óf Ben vraagt aan Gerard als vriend of hij het commando mag overnemen:
Het zal me toch geen twee keer in één week gebeuren, dat ik word neergeschoten’;
óf er wordt geloot (‘strootje getrokken’) en Ben wordt het;
óf Ben Swagerman gaat op ‘zijn strepen staan’ en geeft Gerard het commando het gezag over te geven.

In elk geval, Ben(nie) Swagerman neemt het commando op zich.
Gerard Ruygrok is net getrouwd met Toine Ruygrok – Harzing. Ben is ongehuwd.
Overigens is Willem Anceaux op 21 juni 1939 gehuwd met Antje Pieters. Gerard en ‘Tony’ Ruygrok noemen hun op 3 mei 1946 geboren zoon naar hem: Ben. Deze traditie zet Ben Ruygrok in 1987 voort. Ook hij noemt zijn zoon Ben.

Kapitein Koos Sissingh smeekt bij zijn superieuren om deze missie niet door te laten gaan. Het is een ‘kamikazepoging’. Sissingh weet bijna zeker dat zijn bemanningen van de BomVA, zijn vrienden en maten, het leven zouden laten. De superieuren blijven bij hun beslissing.

Om 05.05 A.T. meldt Sissingh aan Best dat de T-5 van de nieuwe bommenlading is voorzien. Niet veel later volgt dan de opdracht:

‘Bombardeer met de grootst mogelijke nauwkeurigheid de verkeersbrug bij Moerdijk met mijnbommen van 300 kilogram met vertraging. Bescherming twee G-1’s, welke eventueel nog kunnen mitrailleren, doch niet ten koste van veiligheid T-5 voor en tijdens bombardement. Het juiste treffen van de brug is thans van het grootste belang. Bemanning T-5 en G-1’s moeten na deze actie zo spoedig mogelijk tevens berichten of grote colonnes pantservoertuigen op of nabij de bruggen zijn waargenomen’.

De tocht vanaf Schiphol naar de Moerdijk gaat met behulp van landkaarten. Er wordt zo laag mogelijk boven de grond gevlogen om ontdekking door Duitse vliegtuigen te voorkomen volgens het systeem ‘Hu-Bo-Be’ (‘Huisje-Boompje-Beestje’).
Bij Dordrecht stijgen de drie toestellen naar 1000 meter en er worden twee pogingen gedaan om de Moerdijkbrug te bombarderen.
De eerste bom mist zijn doel. Boven Brabant wordt gedraaid. De tweede bom raakt een pijler, ketst af en ontploft in het water.

Tijdens de terugkeer via Dordrecht over de polder Kruiswiel, even zuidelijk van het dorp Hendrik-Ido-Ambacht, wordt de formatie aangevallen door een overmacht aan Duitse Messerschmitts. Ondanks hevig verzet van de G-1’s die omhoog ‘spiralen’ om een positie in te nemen tussen de T-5 en de vijand, is deze overmacht te groot.

De G-1 (nummer onbekend) krijgt voltreffers en stort brandend neer bij Nieuw-Lekkerland waarbij de tweekoppige (Paul Schoute en Han Lindner) bemanning omkomt.

Ook de T-5 krijgt voltreffers en vliegt in brand. Het toestel stort neer in de grienden van de Gorzen langs de Noord bij Ridderkerk (nu Crezéepolder, vernoemd naar de burgemeester J.H. Crezée van Ridderkerk in 1940).

Drie van de vijf bemanningsleden komen direct om. Twee andere bemanningsleden (Douwes Dekker en Wijnstra) weten uit het toestel te spingen. Hun kleding staat in brand die ze proberen in het water te doven. Ze worden door de rondvliegende Messerschmitts gemitrailleerd en overlijden alsnog.

De tweede G-1, met Bodo Sandberg3) en Joop van den Breemer, weet te ontsnappen en keert om 05.59 terug op Schiphol. De vliegers brengen hun verslag uit aan commandant Sissingh. De tijd na het opstijgen vanaf Schiphol tot aan de voltreffer van de G-1 is nog geen 35 minuten.

De volgende dag namen Sandberg en van den Breemer ‘gewoon’ weer deel aan luchtgevechten bij de Grebbeberg.

Hauptmann Karl Ebbighausen4) van de vijfde Staffel van het Jagdgeschwader 26 van de Duitse Luftwaffe verklaart in zijn gevechtsrapport dat hij met zijn Me-109 de T-5 en de G-1 respectievelijk om 05.38 en 05.40 A.T. heeft neergeschoten.

De bemanning van de G-1, die In Nieuw-Lekkerland verongelukte, wordt daar tijdelijk op het kerkhof begraven.

Op 7 juni 1940 wordt Han Lindner herbegraven op het rooms-katholieke kerkhof ‘Buitenveldert’ in zijn woonplaats Amsterdam. Later is hem postuum het Vliegerkruis verleend.

Op 20 juni 1940 krijgt Paul C. Schoute zijn definitieve rustplaats op de Algemene Begraafplaats ‘Moscowa’ in Arnhem.

 

De lichamen van de vijf bemanningsleden van de T-5 worden op 15 mei door boerenknechten uit Ridderkerk geborgen. De lichamen worden door boerenvrouwen gewassen, opgebaard en afgedekt met lakens op ladders. De persoonlijke bezittingen zoals horloges, portemonnees, veldzakboekjes en identiteitsplaatjes worden zorgvuldig bewaard. In de nacht houden de boerenjongens de erewacht bij de schuur.

Het lichaam van Olaf Douwes wordt opgehaald en krijgt zijn laatste rustplaats in het familiegraf op begraafplaats ‘Oud Eik en Duinen’.

Op 16 mei worden vier van de vijf bemanningsleden op het kerkhof ‘Rusthof’ in Ridderkerk in een gezamenlijk graf begraven. Joachem Wijnstra wordt op verzoek van zijn familie herbegraven in Kortezwaag (Opsterland). Hij wordt postuum bij Koninklijk Besluit van 9 mei 1946 met het Vliegerkruis onderscheiden.  Op 20 december 1940 wordt Willem Anceaux herbegraven op de begraafplaats ‘Zorgvlied’ in Amsterdam en later weer herbegraven op ‘Militair Ereveld Grebbeberg’. Hij wordt postuum met het Vliegerkruis en het Oorlogsherinneringskruis onderscheiden.

In september 1941 wordt Ben Swagerman herbegraven op de begraafplaats in Zuilen. Naast zijn graf is het graf van Gerrit van Riemsdijk. Op 9 mei 1946 wordt
Swagerman postuum de Militaire Willems-Orde toegekend. In juni 1992 wordt Swagerman herbegraven op het Militair Ereveld Grebbeberg.
Ook Gerrit van Riemsdijk vindt zijn laatste rustplaats op dit ereveld, de datum herbegrafenis is helaas niet bekend.

Op de plaats van het tijdelijk graf op de begraafplaats ‘Rusthof’ in Ridderkerk is later een oorlogsmonument geplaatst met hierop de namen van de gesneuvelden in de Tweede Wereldoorlog in Ridderkerk. Ook de namen van de vijf bemanningsleden van de Fokker T-5 856 staan hierop vermeld.

Ieder jaar in de avond van 4 mei is dit monument het eindpunt van de stille tocht. Hierna vindt het ceremonieel van 4 mei plaats.

In het voorjaar van 1995 wordt er op initiatief van de heer Jan Bomans (broer van Godfried), de heer Eppo Brongers (luitenant-generaal b.d. / oorlogsgeschiedschrijver) en de toenmalige Bevelhebber der Luchtstrijdkrachten de heer Bernhard Droste (zoon van een ‘Meivlieger 1940’) op de parkeerplaats ‘De Zuidpunt’ een monument geplaatst. Dit is naast de A16 aan de Dordtse kant.

Het monument is in 2015 verplaatst (200 meter verder) naar de Rijksstraatweg ter hoogte van huisnummer 160 / 162f in de berm van het fietspad naar de Moerdijkbrug ter hoogte van Willemsdorp.

Het monument is ter nagedachtenis aan dit mislukt bombardement en de zeven jonge militairen die na dit bombardement omgekomen zijn. De namen van deze militairen worden vermeld op het monument.

Onthulling monument 13 mei 1995

De achterneef en vernoemde van de piloot van de Fokker T-5, Willem Fredrik Anceaux, heeft het monument geadopteerd. In 2005 en 2010 organiseert hij op 13 mei kleinschalige herdenkingen.
In januari 2015 richt hij de ‘Stichting Herdenking Bombardement Moerdijkbrug 1940’ op waarvan hij voorzitter wordt (zie: www.13mei1940.nl).
Een deel van de doelstelling van de stichting luidt:
‘Jaarlijks activiteiten met middelbare scholieren bij dit monument met vooraf gastcolleges en voorts al hetgeen met één en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, met betrekking over de strijd en vrede van de Tweede Wereldoorlog, alles in de ruimste zin des woords’.

In 2015 vindt er op 13 mei een grote herdenking bij het monument plaats en een samenkomst in de Grote Kerk van Dordrecht. Het was toen exact 75 geleden dat het mislukte bombardement plaatsvond. Sinds 2016 vindt jaarlijks een kleinschalige herdenking plaats bij het monument. Uitgenodigd worden de B&W van de gemeente Dordrecht, het Ministerie van Defensie, Koninklijke Luchtmacht, familieleden, vernoemden en ooggetuigen van het luchtgevecht en neerstorten van de T-5, vertegenwoordigers van Veteranenorganisaties en Oorlogs- en Verzetsmusea, inwoners van Willemsdorp en belangstellenden.

Ook wordt er aan een groep van een basisschool of middelbare school gevraagd om medewerking bij de herdenking, waaronder het voorlezen van een verhaal en/of gedicht. Ter voorbereiding wordt er door de neef van Willem een gastles gegeven over het mislukte bombardement en de gevolgen ervan.


1) Ben (Bernardus) Swagerman

Op 10 mei 1940 heeft Ben Swagerman, waarnemer/commandant van de Fokker T-5 855 op deze dag zijn tweede vlucht.
Samen met zijn bemanning, 2e luitenant-vlieger Nico Steenbeek (1e piloot), reserve 2e luitenant-vlieger Anton Smoolenaars (2e piloot), korporaal telegrafist Herman Vallentgoed en korporaal vliegtuigmaker/luchtschutter Arie Janse, vernietigen zij vier Junckers Ju-52 transportvliegtuigen, die geparkeerd staan op hulpvliegveld ‘Ockenburg’.

Na dit bombardement wordt de 855 door vijf jagers afgeschoten en stort in zee. Alleen Swagerman redt zich per parachute en landt in zee. Hij bevrijdt zich van zijn parachuteharnas, zware leren laarzen en bereikt zwemmend het strand. Hulpvaardige handen willen hem de laatste dertig meter helpen, maar zoals gewoonlijk, wil hij het alleen doen. Druipend van het water loopt hij in zijn uniform, of wat er nog van over is, naar het eindpunt van de tram op het Gevers Deynootplein in Scheveningen. Daar wacht hij op de eerste tram. Via een omweg komt hij terug op Schiphol waar hij zich bij zijn eenheid meldt.

Een ander verhaal doet de ronde dat Ben aan de kust Hollandse paratroopers ontmoet die hem een uniform geven. Bij zijn terugkeer op Schiphol wekt hij de hilariteit van zijn kameraden vanwege zijn ‘grasgroene’ uniform.

Nico Steenbeek is, net als Willem Anceaux, gedetacheerd KLM-piloot en de eerste KLM‘er die in de Tweede Wereldoorlog sneuvelt.


2) Joachem Wijnstra

Op zaterdag 11 mei neemt soldaat-luchtschutter sergeant Joachem Wijnstra deel als staartschutter in de Fokker T-5 850 tijdens de opdracht de Maasbruggen te bombarderen. Een tweede Fokker T-5 856, met waarnemer commandant Ben Swagerman en aspirant officier-vlieger Jacob H. Eilders, doet mee aan de actie. De bommenwerpers worden geëscorteerd door drie Fokker D-21 jagers. De bommen vallen helaas net naast het doel, wel worden enige gebouwen geraakt op het Noordereiland (Rotterdam). Twaalf tweemotorige Me-110’s vallen de Fokkers aan en de formatie valt uit elkaar.

De T-5 856 ontkomt op boomtophoogte (soms 10 meter hoogte), dankzij de inmiddels bewezen Hu-Be-Bo-tactiek (Huisje-Boompje-Beestje). Na veilige terugkeer op Schiphol, meldt Swagerman:
‘Met het bestaande luchtoverwicht der Duitsers is een dergelijke opdracht ondoenlijk’.

De T-5 850 probeert eveneens in de bewolking weg te komen, maar wordt constant beschoten door de aanvallende Duitse Messerschmitts. Het lukt schutter Wijnstra om één van zijn belagers neer te schieten.

Helaas is de overmacht te groot en wat reserve 1e luitenant-vlieger Jonny J. Mulder ook probeert, grote delen worden van zijn toestel afgeschoten totdat een deel van de vleugel wegklapt. Het toestel raakt in een vrille, een gevaarlijke tolvlucht.
Jonny Mulder slaagt er op het laatste moment met veel moeite in de T-5 op circa100 meter hoogte te verlaten. Reserve 1e luitenant waarnemer G.F. Verhage en boordschutter Joachem Wijnstra overleven de crash ook door met hun parachute te springen. Sergeant-boordtelegrafist Lubbert Rozeboom wordt later dood aangetroffen in het wrak, het lichaam van sergeant aspirant reserve officier vlieger Jacobus L. van de As is verstrengeld in zijn parachute aan een staartdeel blijven hangen. Hij moet op slag gedood zijn toen de Fokker 850 zich in de zachte veengrond in Waddinxveen boorde.

Joachem Wijnstra neemt twee dagen later ‘gewoon’ weer deel aan het (mislukt) bombardement van de Moerdijkbrug en verongelukt.


3) Bodo Sandberg

Jonkheer Bodo Sandberg schrijft later in het boek ‘Salto Mortale’ over de gebeurtenissen op 13 mei 1940:

Ik kreeg in de vroege morgen van 13 mei 1940 de opdracht om met nog een andere G-1 een T-5 bommenwerper te beschermen die de Moerdijkbrug moest bombarderen. Bij de eerste raid miste de bom het doel en bleef naast de brug staan zonder te exploderen. Toen we het voor een tweede keer probeerden, werden de bommenwerper en de andere G-1 in de buurt van Ridderkerk neergeschoten. Voor mij zat er niets anders op dan naar Schiphol terug te vliegen, waar ik verslag uitbracht. Het was heel akelig, het waren allemaal goede vrienden’.

Volgens de site: www.grebbeberg.nl nemen Bodo Sandberg en Joop van den Breemer ‘gewoon’ weer deel aan luchtgevechten bij Woerden en bij de Grebbeberg.


4) Hauptmann Karl Ebbighausen:

Ebbighausen is op 16 augustus 1940 zelf verongelukt bij Dover in Engeland met een ander vliegtuig.
De Me-109 van Ebbighausen heeft, met een andere vlieger, later in de Tweede Wereldoorlog een noodlanding gemaakt in Engeland. Het toestel bevindt zich in het Militaire Luchtvaatmuseum op het beroemde vliegveld Duxford bij Cambridge in Engeland. Op de staart zijn nog altijd de ‘kill markings’ te lezen van twee Nederlandse toestellen: twee kleine rood-wit-blauwe rozetten met de vermelding 13/5 1940…


Dordrecht / december 2016
Wim Anceaux
Stichting Herdenking Bombardement Moerdijkbrug 1940
info@13mei1940.nl
w.f.anceaux@13mei1940.nl